de postbode

Wie schrijft er nog een brief?

Ik niet en het gebeurd zelden dat er een brief op de mat ploft. Wat zou er aan de hand zijn, is de eerste schrikgedachte. Of het is een blauwe envelop en dat wordt natuurlijk betalen. Zomaar een brief schrijven of ontvangen bestaat niet meer. Ik heb een mini-enquête  onder mijn familieleden gehouden en wat blijkt: niemand heeft de afgelopen jaren nog een brief geschreven of gekregen. Hier is ongemerkt een belangrijk cultuurgoed verloren gegaan. Dat er nog geen actiegroep is opgestaan, die pleit voor het opnemen van het brieven schrijven op de wereld erfgoedlijst vind ik verbijsterend.

Please mister postman

Ach, alles gaat voorbij. De trekschuit gebruiken we ook niet meer en niemand die zich daar druk om maakt. Tragischer wordt het dat sommige popsongs hun betekening verliezen. Niet langer wachten geliefden op de postbode om hem vragen:

Wait, oh yes wait a minute mister postman
Wait, wait mister postman
Mister postman look and see
Is there a letter in your bag for me
I been waiting a long long time
Since I heard from that girl of mine

een liefdesbrief?

Ach dat mooie nummer van de Marvelettes en natuurlijk de Beatles wordt nog wel gedraaid maar het leed is al geschiedt: de liefde loopt via de mobiel of anderszins via de cloud. De glazige blik in de ogen van mijn kleinkinderen zegt alles: de postbode, in uniform, is voor hen een uitgestorven diersoort. Die weten niet beter of de postbode is een student of een bejaarde; meestal in korte broek.

Het woord diligence kennen ze niet eens meer, weten die knullen veel dat je vroeger postkoetsen had. Exit Selvera’s. En wat een liefdesbrief is weten die jongens echt niet. Het ultieme bewijs hiervoor is het album van Jan Kruis waarin Catootje en Jeroentje de oude liefdesbrieven van Jan en Jans overal in de bus stoppen: ze spelen postbode. Die bestond toen nog wel, ook al liep hij op z’n achterste benen.

de postbode

De postbode, de whatsapp bezorger avant la lettre, komt nu nog zelden langs. Met Nieuwjaar heeft hij het druk, de beste wensen gaan nog vaak via een kaart. Meestal maken wij een nieuwjaarswens en sturen die via de mail met een persoonlijke invulling.  Want schrijven, met pen en papier, komt ook minder en minder voor. Een beetje vulpennenwinkel bestaat is niet meer te vinden, een beetje mooi schrijven is er dus niet meer bij. Wat natuurlijk ook de vraag oproept: waar blijven al die kinderpostzegels. In laden en kasten moet volgens mij een kapitaal aan ongebruikte zegels liggen.

de pakketbezorger

Wie wel langs komt en in steeds grotere mate is de pakketbezorger. Het heeft wel wat, dat bestellen via internet. Je hoeft er niet de deur voor uit; het gemak dient de mens. De keerzijde van dat gemak is de leegloop van de binnenstad. De failliete lampenverkoper heeft nauwelijks voor het laatst zijn winkeldeur op slot gedraaid of de aannemer maakt hem al weer open. Die gaat de winkel ombouwen naar bruine kroeg, lunchcafe of zo iets. Tenzij er een stikstofprobleem is, dan moet de aannemer nog even wachten.

Wilt u het aanpakken?

De lampenwinkel bediende heeft al weer een nieuwe baan: pakjes rondbrengen. Alles wat je gisteravond  via internet besteld hebt, moet wel bezorgd worden. Dat zijn die busjes, die een paar keer per dag, door de straat heen rijden. Wij weten dat omdat we meestal thuis zijn. De bezorgers weten dat ook: “Wilt u het aanpakken?”. Ach, op die manier spreek je de buren ook wat vaker. Toch, het beroep van postbode heeft mij altijd aangetrokken. Misschien doe ik het nog wel eens een keertje. Ze zoeken altijd mensen en dan ga ik als bejaarde de post rond brengen. Niet in korte broek want dat kan ik de mensheid niet aandoen.