De koe? Sorry, de mus

De koe is natuurlijk niet onze nationale vogel, zie je dat beest al vliegen? Trouwens als je een koe ziet vliegen, ben je of strontlazerus of je hmoet hulp zoeken. Onze nationale vogel is de grutto. Dat heeft mij altijd verbaasd, we wonen tenslotte in een stedelijk land en dan lijkt mij dat de nationale vogel een stadsvogel zou moeten zijn. De mus krijgt mijn stem: ze zijn klein, hondsbrutaal, ze leven in groepen en wonen dicht bij elkaar. Dat komt toch wel heel dicht bij de definitie van een stedeling.

De koe

de koe in de wei

Hoe dan ook, ik wil het hebben over viervoeters. Daarbij denk ik aan één heel belangrijke speciale viervoeter. Ik wil het hebben over het enige, echte, Hollandse beest: de koe en dan meer specifiek de koe in de wei. Oer-Nederlands toch dat beeld van de rustige grazende koe in de wei. Dat beeld dat de bio-industrie graag gebruikt om te laten zien dat ze echt, heus, toch echt boer zijn.Ik ben geen aanhanger van de dierenpartij maar op dit punt hebben ze gelijk: er bestaan bijna geen boeren meer, het zijn fabrikanten van dierlijke producten. Dat gezegd hebbende: de koe staat gelukkig ook nog in de wei. Wel minder dan vroeger: er zijn simpelweg minder koeien. Toch is er veel meer melk dan vroeger. Geen wonder, de melkproductie per koe is gestegen van ruim vierduizend kg naar rond de achtduizend kg: gemiddeld 25 liter per dag! Ga daar als koe maar aan staan: er hangt een heel gewicht in de uier aan je buik, dat is toch niet normaal. Daar krijg je als koe toch een doorgezakte rug van.

Kennen we haar eigenlijk?

Het is vreemd dat we dit oer-Hollandse beest niet beter kennen. Ja, Klaartje 329 of zo’n soort naam staat op een melkpak. Maar kennen we haar? Nee! “PSP ontwapend 1971”: we weten wie de mooie naakte – blij in de wei –  vrouw is op de poster; we weten niet hoe de mooie koe achter haar heet. En die koe is toch echt bepalend voor het beeld. Zonder die koe was de poster allang vergeten. Met de koe is de poster iconisch en je kan de poster nog steeds kopen. Op Catawiki wordt er al snel € 100,– voor betaald. Het beest is misschien hetzelfde jaar verkocht en geslacht. Een typisch geval van stank tot dank. De poster is gekozen tot een van de beste verkiezingsposter aller tijden. Niet dat die poster echt geholpen heeft: in de verkiezingen ging de partij van vier naar twee zetels. Naakt verkoopt, alleen niet in de politiek.

Rijke dieren

Hebben de nabestaanden van die koe eigenlijk geen recht op royalty’s voor die poster? Dierenactivisten vinden van wel. Advocaten vinden dat ook. Natuurlijk gelooft die laatste beroepsgroep dat niet echt; ze willen gewoon vet verdienen aan de erfenis van tante Co of beter gezegd aan haar universeel erfgenaam poes Mini. Wetstechnisch ligt het een beetje lastig, toch kan een dier, met een kleine omweg, erven. In ieder geval in Nederland. Er zijn een paar voorbeelden van zeer rijke dieren. Grumpy cat kent iedereen van het internet. Er is zelfs een film over hem gemaakt. Die kat is goed voor 81 miljoen euro. En dan heb je Toby. Die heeft niet zelf van een mens geërfd; Toby stamt af van een hond die in 1931 25 miljoen euro erfde van zijn eigenaresse. Het bedrag werd geïnvesteerd en Toby houdt daardoor nu 75 miljoen euro over. Tjonge, tjonge, een hond met oud geld, dat is echt iets nieuws. Wat natuurlijk gelijk de vraag oproept of de fondsbeheerders soms een fokprogramma hebben opgesteld om hun lucratieve baantje veilig te stellen. Keiko de orka heeft, voor zover ik weet, zijn vermogen zelf verdiend. Keiko speelde in 1993 in de film Free Willy.  Dat heeft het dolfinarium, waar Keiko woont, 30 miljoen euro opgeleverd.  Choupette, de kat van de Karl Lagerfeld, schijnt wel 100 miljoen dollar te gaan erven! Er is één probleempje: de Franse wet verbiedt dat dieren kunnen erven.

De koe en de kunst

Terug naar de koe, Hollands welvaren. Dat vond vader Cats ook al: ‘Veracht ons Hollandt niet, wij hebben schoone koeyen. Daer uyt dat soete-melck, en room en boter vloeyen.’ En gelukkig heeft de koe een eigen schilder: Paulus Potter. Beroemd is de stier van Potter. Dat vond Napoleon ook en die jatte dat ding. Na zijn val kwam het, met paard en wagen, terug en hangt in het Mauritshuis. Hoe die stier heet? Niemand die het weet. En dan is er ook nog de pissende koe van Potter. Daar kennen we ook de naam niet van. Die straal pis viel blijkbaar niet zo goed in het preutse Holland, want die koe hangt ver weg in de Hermitage.

En natuurlijk zijn er ook songs over koeien; dat kan niet missen. Holy Cow van Lee Dorsey en The Band, For all the cows van Foo Fighters en Cow Cow Boogie door Ella Fitzgerald. Geen koeien zonder cowboys en daar is Sinaloa Cowboys van Bruce Springsteen.

Waar komt de koe vandaan?

Waar komt de koe eigenlijk vandaan? Hoe lang is dat beest al bij ons? Onze melkfabriek stamt af van de oeros en dat schijnt zo’n 10.000 jaar geleden begonnen te zijn in het Midden-Oosten, vermoedelijke Mesopotamië. Rustig sjokkend is het beest meegegaan met trekkende bevolkingsgroepen; spullen dragend, mest, melk en vlees gevend. Uiteindelijke is het beest bij ons terecht gekomen: het koeienparadijs! Gras, water, niet te koud, gratis kost en inwoning en het enige wat de koe hoeft te doen is twee keer per dag melk geven. Goede deal. Voor ons, niet voor de koe. Het enige wat de koe er aan over houdt zijn een paar lelijke gele oorbellen. Plezier heeft ze niet: van dattum is er niet meer bij. Ook niet voor de stier: die laat zich door een kunstkoe belazeren. Dat krijg je ervan als je zo dommig uit je ogen kijkt.

Die blik is trouwens goed te verklaren, die blik heeft de koe omdat ze weet waar ze vandaan komt. Van een trotse grote oeros naar een bescheiden kleine koe: daar ga je echt wel dommig van kijken. Zo van: hoe is me dit nu overkomen?

Wil je naar het contactformulier? Klik hier  

Als je mij op mijn persoonlijke Facebook wil volgen, klik hier

 Deze blog is gepubliceerd op 07-07-2019 en bijgewerkt op 20-02-2021 

Deel dit artikel